Planschade

Het omwille van Externe Veiligheid beperken van de planologische mogelijkheden in een ruimtelijk plan kan leiden tot de vraag of er sprake is van planschade. Volgens de Wet ruimtelijke ordening kennen Burgemeester en wethouders iemand die schade lijdt als gevolg van de vaststelling van een ruimtelijk plan op aanvraag een tegemoetkoming toe. Dit voor zover de schade redelijkerwijs niet voor rekening van de aanvrager behoort te blijven en voor zover de tegemoetkoming niet uit andere bron wordt verkregen.

Er zijn verschillende vormen van planschade:

  • indirecte planschade als gevolg van een planologische wijziging in de omgeving van een perceel.
  • directe planschade als gevolg van een planologische wijziging op een perceel;
    Dit is de bij Externe Veiligheid meest waarschijnlijke vorm van schade en bestaat meestal uit vermogensschade (bijvoorbeeld een bedrijfsterrein wordt minder waard) of inkomensschade als de bestaande bedrijfsvoering moet worden aangepast. Inkomensschade in de zin van “gemiste winst uit een nog niet aangevangen exploitatie” wordt niet vergoed.

Nagegaan moet worden

  • of het nadeel rechtstreeks voortvloeit uit de planologische vastlegging van de EV-maatregel of dat er al andere belemmeringen waren (bijvoorbeeld omdat door de geluidproblematiek toch al niet gebouwd kon worden). Er is dan geen reden tot vergoeding.
  • of dat sprake is van actieve risico-aanvaarding of passieve risicoaanvaarding. Er is sprake van actieve risicoaanvaarding als men het terrein heeft gekocht in de wetenschap dat de beperking er op lag of zou komen te liggen; er is sprake van passieve risicoaanvaarding als de eigenaar geen gebruik heeft gemaakt van zijn bouwmogelijkheden terwijl hij wist of redelijkerwijze kon weten dat de overheid een planologische maatregel met beperkingen voorbereidt.
    Bij actieve en/of passieve risicoaanvaarding wordt er geen schade vergoed. Een gemeente kan het risico op planschade dus beperken door vroegtijdig stukken in de openbaarheid te brengen waarin aangegeven wordt dat in verband met EV-aspecten aan bestaande planologische mogelijkheden zal worden getornd. Deze berichtgeving moet wel redelijk concreet zijn zowel qua locatie als aard van de ingreep.

Wet- en regelgeving

  • WRO, zie art 6.1

Websites

Helpdesks

Zie ook